Verslag waterafkoppeling vrijstaand woonhuis

Verslag waterafkoppeling vrijstaand woonhuis

Leunend op de schop met een paar zweetdruppels op het voorhoofd, kijk ik voldaan naar de eerste gleuf die door het gazon is gegraven. Hier kan straks de afvoerpijp in, van de regenpijp die ik af ga koppelen. Dit is niet de eerste handeling die ik doe om mijn regenwater af te koppelen.

Het is een hele klus omdat ik alles zelf doe, maar wel één waar ik met veel voldoening op terug kijk.

N.B. de gereedschappen die ik gebruik kunnen geleend worden door iedereen die ook met de waterafkoppeling bezig wil. Doe dan een berichtje naar Duurzaam Diepenveen.

Hieronder beschrijf ik welke stappen ik gezet heb totdat het hele project bij mij thuis nu afgrond is. Ik onderscheid 6 stappen.

  1. Eerste oriëntatie.

Het gaat om een oud huis, met diverse aanbouwen. Er ligt een flinke tuin bij het huis. Ik loop rondom het huis om te zien waar regenpijpen van het dak komen en de grond in gaan. En waar het regenwater eventueel naar toe kan. Ik wil geen grote investering doen en de omgeving van het huis niet veel aanpassen. Waar kan het water weg in een wadi (een verlaagd deel in de tuin), een waterton of, infiltratie in de grond via een grindkoffer of een infiltratiekrat?

Ik controleer, binnen en buiten het huis, waar er naast regenwater pijpen nog andere afvoeren voor afvalwater uit het huis in het riool komen. En of een regenpijp niet tevens een ontluchtings-functie heeft voor afvoeren in het huis.

Ik kom tot de conclusie dat ik 4 van de 7 regenpijpen goed af kan koppelen. Dus bij 3 regenpijpen blijft het regenwater naar het riool gaan.

  1. Eerste opmeting.

Om te weten wat er aan opvang moet komen, moet bekend zijn om hoeveel regenwater het gaat en hoe snel het de grond in kan lopen. Met een meetlint loop ik langs het huis en reken het dakoppervlakte uit. Het gaat om 53 m2 dak. Per m2 moet ik 10 liter kwijt kunnen in een uur. Dus totaal 530 liter. Van 3 regenpijpen kan het water op 4 meter uit de muur in een wadi lopen. Ik test met een klein gat in de grond en een emmer water of het water snel genoeg (binnen 1 uur) in de grond zakt. Dat zit wel goed. Bij 1 regenpijp komt een grote waterton.  Er is plek genoeg om de regenton te plaatsen. Naast de regenton is er een verlaagd stuk tuin waar met een overloop het overtollige water in kan lopen. Ik besluit om geen bladvangers in de regenpijpen te plaatsen omdat het water rechtstreeks naar een wadi gaat en ik in de dakgoten al een kleine blad-korf op de regenpijpen heb staan. De regenton kan ik regelmatig (eens per jaar) zelf schoon maken.

  1. Concrete planning

Omdat ik geen originele bouwtekeningen heb, maak ik een globale schets/plattegrond van het huis. De afmetingen van het dak zet ik erbij en ook de plaatsen waar nu regenpijpen zitten. En waar het water straks naar toe moet lopen. Het is nu ongeveer duidelijk hoeveel (ondergrondse) pijp en welke regenton ik aan moet schaffen. Welke buizen en hulpstukken er precies nodig zijn, wordt pas bepaald, als duidelijk is hoe de aansluitingen op het riool onder de grond zijn. Voor mijn eigen archief en ook voor de subsidie aanvraag bij de gemeente, maak ik een paar foto’s van elke regenpijp. Op de site van de gemeente Deventer https://www.deventer.nl/loketten/digitaal-loket/afkoppelen-regenwater-subsidie vul ik het aanvraag formulier in. Helaas aan het eind blijkt dat ik een handtekening moet zetten. Daarom moet ik het formulier eerst downloaden, uitprinten en ondertekenen. Daarna scan ik het formulier met de plattegrond en een paar foto’s in een nieuw document. Via de mail gaat de subsidie aanvraag naar de gemeente en die geeft binnen een week een reactie terug. De aanvraag is in principe goedgekeurd. Binnen een jaar moet het werk afgerond zijn. Dat moet me lukken, denk ik. Via een “vaststellingsformulier”, met foto’s van de werkzaamheden en het resultaat achteraf, moet bewezen worden dat de afkoppeling echt is gebeurd. Dus bij het werk heb ik regelmatig een fototoestel bij de hand.

  1. Bestaande situatie opnemen.

De subsidietoekenning is binnen. De weken erna begint het graven om de bestaande rioolbuizen bloot te leggen. Dat valt nog niet mee. Op sommige plaatsen staan struiken en dat is stevig werken. Ik begin bij de plaatsen waar de regenpijpen de grond in gaan. Die volg ik en haal de rioolbuis, bochten en andere hulpstukken uit de grond; daar waar ze niet meer nodig zijn. Deze buizen en hulpstukken bewaar ik om ze straks misschien opnieuw te kunnen gebruiken.

Als alles bloot ligt worden er van iedere regenpijp een aantal foto’s gemaakt. De maten worden precies opgenomen met schuifmaat, duimstok en waterpas. De regenpijpen hebben een doorsnee van 80 mm. De wadi, die ongeveer 4 meter uit de muur ligt is net niet diep genoeg en moet wat dieper worden. De vrijgekomen grond verspreid ik op een andere plek in de tuin. Ik bekijk hoeveel hulpstukken (bochten, aansluitmoffen) ik nodig heb en van welke afmeting. Om de regenton op een hoogte van 60 cm te plaatsen, om een gieter en emmer eronder te plaatsen, heb ik nog oude sier-cementblokken en een grindtegel liggen. Hiermee kan een stevig plateau gemaakt worden.

Op naar de doe-het-zelf winkel om materialen te kopen. Daar blijkt dat er geen verstevigde ondergrondse afvoerbuis van 80 mm bestaat, die precies aansluiten op de regenpijp. Wel van 75 mm.  Dus ook de koppelstukken aangeschaft.

  1. De aanleg.

De aanleg gaat makkelijker dan het opbreken van de oude situatie. De regenpijp blijft zitten en onderaan wordt een bocht van 900 gezet, een stukje onder het maaiveld in de grond. Daaraan dan de buis van 4 meter lengte naar de wadi. Eén regenpijp steekt te diep naar beneden. Die wordt met een decoupeerzaag (een ijzerzaag kan ook) ingekort.

De PVC buizen en hulpstukken lijm ik niet vast, omdat ik er van uit ga dat alles in de grond stevig blijft liggen en niet los kan schuiven. Met een grote waterpas meet ik uit of de buis naar de wadi voldoende afschot heeft (minimaal 2 cm daling per meter buis). Als ik zeker ben van de zaak wordt de gleuf dichtgegooid en aangestampt. Op een paar plaatsen kruist de buis een stenen paadje. Omdat die nu toch open ligt vervang ik de zwarte grond door geel vulzand, zodat er minder verzakking optreed. Dat is dus mooi extra meegenomen.  Met een handstamper worden de stenen van het paadje goed aangestampt.

Op de plek waar de bestaande rioolbuis blijft zitten, zet ik  een afsluitdop op de buis.

De regenton wordt op een plateau van 60 cm hoog geplaatst. Met de decoupeerzaag wordt bovenin een gat gezaagd waardoor de regenpijp naar binnen kan. Aan het kraantje onderaan wordt een stukje tuinslang van 2 meter aangesloten, om de ton (deels ) leeg te laten lopen als die te vol wordt.

Tussentijds maak ik een paar keer foto’s, zodat iedere fase van de aanleg vast ligt.

De testfase kan nu beginnen. Laat er maar eens een stevige regenbui komen, dan kan duidelijk worden of de hele aanleg goed werkt.

De tekeningen die vooraf van de aanleg gemaakt zijn en een paar afdrukken van belangrijke foto’s worden in een archief map gedaan waar andere technische zaken van het huis zitten. Dan is later terug te vinden hoe de situatie in de grond is.

Het subsidie vaststellingsformulier, dat bij het voorlopig toekennen van de subsidie meegestuurd is, wordt ingevuld en de belangrijkste foto’s worden in het formulier toegevoegd.  Per mail gaat de verantwoording naar de gemeente. Drie weken later heeft de gemeente de subsidie op mijn bankrekening gestort.

Advertenties

Over Duurzaam Diepenveen

De site van Duurzaam Diepenveen wordt beheerd door Matthijs Tijl.

Geplaatst op 22 december 2017, in Algemene info. Markeer de permalink als favoriet. Een reactie plaatsen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: